Bijstellen aandeelhoudersstrategie Westerscheldetunnel

Door Anita Pijpelink op 1 maart 2019

Op 15 maart 2003 reed ik, een dag na de opening, samen met mijn man en onze baby van 6 maanden oud voor het eerst door de Westerscheldetunnel. We gingen voor het eerst sinds we op Walcheren waren gaan wonen even een kopje koffie drinken bij mijn ouders in Terneuzen. Even een kopje koffie drinken in Terneuzen, het was destijds het meest luxe-gevoel dat we ons konden voorstellen. Om niet ruim anderhalf uur, haastend en rekening houdend met afvaartijden en weersomstandigheden, onderweg te zijn, maar in een half uurtje van Oost-Souburg, onze woonplaats destijds, naar Terneuzen te rijden. En dat is waar de Westerscheldetunnel begon: als de vervanging van de veren, als een verbinding tussen Zeeuws-Vlaanderen en de rest van Zeeland. Een verbinding, die haast drempelloos was, want nogmaals, geen vaartijden meer, geen stress of de boot wel zou varen met dichte mist, maar zonder op de klok te kijken en zelfs bij de meest slechte weersomstandigheden toch over te kunnen gaan, zelfs diep in de nacht. Haast drempelloos, want helaas nog niet kosteloos van de ene naar de andere kant.

En dat was de start van de Westerscheldetunnel, als een vervanging van de veren. We zijn er ontzettend blij mee in Zeeland. En dat die vervanging van de veren veel van ons zou vragen wisten we allemaal. Wat we niet wisten, niet konden inschatten, is dat in de loop van de dertig jaar tolheffing de situatie en context zo immens zou veranderen. We konden en durfden niet te voorzien dat de tunnel een essentieel hoofdelement zou worden van de belangrijke economische as Goes-Gent. En dat gegeven, die essentiële wijziging van het belang van de Westerscheldetunnel, maakt dat wij als PvdA van mening zijn dat het niet langer rechtvaardig is om de afbetaling van de aanleg van de tunnel volledig op de Zeeuwse en met name de Zeeuws-Vlaamse gebruikers af te wentelen. De betekenis voor de economische as Goes-Gent en alle bedrijvigheid die daarmee gemoeid gaat vraagt wat ons betreft een overheid die voor haar burgers gaat staan en haar verantwoordelijkheid neemt en in de laatste veertien jaar van de tolheffing haar aandeel levert in het tolvrij maken van de tunnel. De PvdA zal zich niet alleen vanuit deze provincie, maar ook vanuit onze landelijke vertegenwoordiging in de Eerste en Tweede Kamer inzetten om het Rijk dit te laten inzien en tot actie te laten komen.

En daarnaast staat ons logo ook op het initiatiefvoorstel dat nu voorligt. Waarom? Twee redenen: ten eerste omdat wij in het tarievenbeleid geen, ik herhaal, geen knop zien om echt substantieel eerder tot een tolvrije tunnel te komen. Om de tunnel substantieel eerder tolvrij te maken zou je naar een verhoging van de tarieven moeten gaan en dat is het laatste wat de PvdA wil, geen lastenverzwaring. En ten tweede, omdat het een en-en verhaal is: we gunnen de huidige gebruikers het voordeel én we blijven strijden en ons inzetten voor een tolvrije tunnel. En dan hoop ik, voorzitter, dat die baby die wij op 15 maart 2003 voor het eerste meenamen door de tunnel, niet op 30-jarige leeftijd met zijn baby, die er dan wellicht is, voor het eerst pas tolvrij door de tunnel naar z’n opa en oma in Terneuzen kan gaan.

Anita Pijpelink

Anita Pijpelink

“Mijn ene overgrootvader was dijkwerker aan de Zeeuws-Vlaamse kust. Mijn andere overgrootvader was een Axelse keuterboer. Beiden bouwden letterlijk met hun handen aan de toekomst van Zeeland. Net als mijn beide overgrootvaders stroop ik de mouwen op om verder te bouwen aan Zeeland. Ik wil namelijk dat Zeeuwen zeker kunnen zijn van een eerlijke toekomst,

Meer over Anita Pijpelink